LinksSitemapContact
U bent hier:

Column Frieda Joris

Schrijf ons!

Stuur uw reactie op artikels uit het tijdschrift Leven naar brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer.

Frieda Joris, journaliste bij Het Laatste Nieuws, kreeg in het najaar van 2000 borstkanker. Ze schrijft voor Leven vier keer per jaar deze column.

Tekst uit Leven 38, april 2008

Er is één woord waar ik een grondige hekel aan heb en het heet ‘statistiek’. Die afkeer is niet nieuw, die heb ik van in mijn studententijd. Van bij de eerste blik op een tabel met de stand van zaken kreeg ik zweetdruppeltjes op mijn bovenlip en daver op mijn lijf.

Afkeer op het eerste gezicht, met cijfertjes heb ik dat al wel meer gehad. Niet alleen met belastingaangiften, gewoon de gedachte aan de codes van bankkaart, tankkaart, identiteitskaart en gsm zijn al genoeg om een aanval van lichte paniek te veroorzaken. De cijfercombinaties die ik zelf kon veranderen heb ik aangepast aan mijn simpel en cijferschuw brein, maar dat ging helaas niet met alles. Her en der in mijn handtas zitten dus spiekbriefjes verstopt die ik op kritieke momenten kan bovenhalen. Als de nood het hoogst is, is die redding alvast nabij.

Maar terug naar de statistiek, de ‘leer en methode om door middel van cijfers inzicht te krijgen in massale verschijnselen’ dixit Van Dale. Ik heb er maar één keer zonder enige verplichting of dwang als het ware spontaan naar gegrepen. Toen de kanker mijn leven op de helling zette en ik zicht op mijn overlevingskansen wou krijgen.

Achteraf heb ik me dat dikwijls beklaagd, maar ik denk dat ik de enige niet ben. Dokters geven op zulke vragen meestal geen sluitend antwoord want ‘dat helpt u toch niet verder, mevrouw’. Ik ging dan maar op eigen houtje op zoek. Niet zozeer naar een correct antwoord, wel naar een houvast. Nou moe, de naakte cijfers draaiden anders uit. Ik had het kunnen weten, met mijn aangeboren allergie.

Want wat las ik? 40% overlevingskans. In normale omstandigheden zou ik die vier kansen op tien redelijk bemoedigend vinden, maar waar het mijn leven betrof was dat allesbehalve zo. Een paar weken voordien rekende ik er honderd procent op om stokoud te worden, zie je. Hoe meer ik op zoek ging, hoe onzekerder mijn toekomst werd. Zo slonk op weer een andere site mijn statistische kans om het er na vijf jaar nog levend af te brengen tot maar 37%: hélp! Ik voelde me slechter dan ooit tevoren terwijl ik in bits en bytes net op zoek ging naar troost en sussende cijfers.

Ik heb mezelf eens te meer in handen moeten nemen. De stukken en brokken bijeengeraapt en de puzzel die ik zelf was weer samengesteld en gelijmd met een nieuwe wetenschap. Dat de statistische methode misschien inzicht geeft in een massaal voorkomend verschijnsel, maar mij persoonlijk niet verder helpt.

Ik weiger nog langer mijn kansen te berekenen aan de hand van die logica. Een kwestie van overleven, van aangeboren afkeer maar ook van gezond verstand. Zekerheid hebben we niet, zelfs in tijden van verkiezingen blijkt meer dan eens dat statistieken achteraf het papier niet waard zijn waarop ze werden uitgeprint.
De Britten hebben er een mooie uitdrukking voor. ‘Er zijn leugens, er zijn grote leugens en er zijn statistieken’. God save the Queen, die zelf ook alle statistieken een neus zet.

Naar het verhalenoverzicht