LinksSitemapContact
U bent hier:

Column Frieda Joris. De beauty en de pruik

Schrijf ons!

Stuur uw reactie op artikels uit het tijdschrift Leven naar brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer.

Frieda Joris, journaliste bij Het Laatste Nieuws, kreeg in het najaar van 2000 borstkanker. Ze schrijft voor Leven vier keer per jaar deze column.

De beauty en de pruik

Tekst uit Leven 37, januari 2008

Ik ben nog van een generatie voor wie surfen op het water gebeurde, email een lakverf was en een web niet anders dan het noeste werk van een spin kon zijn. Vrienden en, godbetert, lieven zocht ik niet op het internet en mijn intiemste gedachten gingen op slot in een dagboek. Oké, toen ik ziek was publiceerde ik die dagboeknotities voor 1 miljoen lezers in de krant, maar bij die uitzondering is het gebleven. Ik wil maar zeggen: chatten is aan mij niet besteed tenzij in vlees en bloed en bij pot en pint. Mijn computer is mijn werkinstrument, ik heb veel meer een emotionele band met vulpen en papier. De keuze tussen the beauty en the nerd is bij mij dus snel gemaakt. Geef mij maar de beauty, ik kan toch niet meer concurreren. Een schoon uitzicht is al veel en tenslotte: met the nerd kan ik niet eens een steekhoudend gesprek voeren.

En toch sluipen nieuwe gewoontes op kousenvoeten zelfs mijn leefwereld binnen. Niet omdat ik ze verkies, maar omdat meer en meer anderen ze gebruiken. "t Is van moeten of ik word helemaal wereldvreemd.
Zo heb ik vier vriendinnen die verwoede mailers zijn. Een paar keer per week houden ze mekaar en mij op de hoogte van hun doen en laten. En soms zit daar een prachtig verhaal tussen. Dat van Syl bijvoorbeeld, mag ik u niet onthouden.
Syl is een knappe blondine. Ze heeft van dat lang, oogstrelend blond haar dat een onweerstaanbare uitwerking heeft op mannen en vrouwen pisnijdig maakt. Getuige haar vele losse en losvaste relaties, een schat aan ex'en en een voorraad mogelijk toekomstige kandidaten. Syls leven is een boeiende combinatie van Sex and the City en Friends, zij het dat het zich afspeelt onder een vertrouwde kerktoren waar Vlamingen thuis zijn en de Stella koud staat. Alvast goed voor veel mailverkeer en smakelijke lunches. Want Syl kan nog goed koken ook.

Haar kookkunst is gebleven, haar haar niet. Syl is immers kankerpatiënte en heeft net een lange chemotherapie achter de kiezen. Haar cocktail bevatte epirubicine, het rode vocht dat via het infuus haar lichaam binnensijpelde en als nevenverschijnsel ook haar ganse lichaam onthaarde. Tot in de kleinste details toe, zelfs de stoppeltjes in haar neus verdwenen door het geneeskrachtige gif.

Voor alle patiënten is zo"n kaalslag erg, ik was ervan overtuigd dat het voor goudlokje Syl een drama zou zijn. Een beetje als Samson wiens kracht ook in zijn haar zat en die zonder ten onder ging. Maar ik heb Syl, gelukkig, onderschat.
De schok was vanzelfsprekend groot, maar al gauw herpakte ze zich. Ze waagt zich nu buiten met haar heel korte kapsel en al ziet ze er nu anders en veel gewoner uit, ook dat heeft zijn voordelen. Want wie zich vroeger blindstaarde op haar kapsel ontdekt nu dat er onder die flamboyante lokken ook een heel toffe madam schuilt.

Buurman sprak haar op straat aan. 'Een knappe vent', verduidelijkt Syl, want de vos verliest zijn haar maar niet zijn streken. 'Mevrouw, waar is uw lang blond haar?', vroeg hij verbijsterd. 'Waarom hebt u dat laten afknippen?' Waarop Syl, niet op haar mondje gevallen: 'Ach, dat was een pruik, mijnheer!'

Naar het verhalenoverzicht