LinksSitemapContact
U bent hier:

Jeanne Brabants, dame van de dans

Jeanne Brabants (85) is de dame van de dans in Vlaanderen. Ze was danseres, danslerares en choreografe en richtte de Koninklijke Balletschool van Antwerpen en het Ballet van Vlaanderen op. Een dame vol van de dans, voortdurend in beweging. Ze zit niet stil, al moet ze in haar dagschema rekening houden met kinesitherapie en controles. Borstkanker maakt immers al vijf jaar deel uit van haar leven.

Tekst: Els Put, uit Leven26, april 2005

Borstkanker heeft me verrast. Ik was nooit echt ernstig ziek geweest. Tot ik plots in bad twee knobbeltjes voelde onder mijn arm en ook één in mijn borst. Vijf jaar geleden, ik was toen tachtig. De bliksem sloeg in. Ik wist: dit is niet goed. Maar ik ging er niet om treuren. Ik belde meteen mijn arts. Een eerste borstsparende operatie bleek niet voldoende, ik werd drie maal geopereerd en ben een borst kwijt. Het was moeilijk: mijn borsten betekenen veel voor mijn vrouw zijn, voor de beleving van mijn lichaam. En mijn lichaam deed niet meer wat ik wou. Ik kon mijn arm nog nauwelijks vijf centimeter omhoog bewegen. Kwaad was ik. Ik, die vroeger alles kon met mijn lichaam! Gevochten heb ik, ik ging me niet laten doen. Ik wou weer leven zoals vroeger. Ik heb gewerkt, geoefend. En kijk: mijn arm kan weer helemaal naar boven. Alleen de beweging naar beneden gaat niet meer zo vlot. Daar is een spier gekwetst. Maar ik oefen elke dag, 's ochtends bij het opstaan. Het is het eerste wat ik doe: ik rek me uit door aan een stok te hangen; mijn gewrichten moeten ruimte krijgen. En ik turn, ik wil in beweging zijn en soepel blijven. Net zoals vroeger, ik laat me niet doen, ik geef niet op.

Beweging is overal. Als ik op straat naar de mensen kijk, zie ik: die vrouw loopt te veel op de buitenzijde van haar voeten, ze gaat ruglast krijgen. Of: die man loopt achter zijn buikje aan. Een lichaam zegt zoveel meer dan een mond, bewegingen zoveel meer dan woorden. Elke beweging drukt iets uit, elke beweging is anders. Met één enkele beweging kan je ook zoveel verschillende dingen zeggen. Dat mogen tonen in een dans, die emoties, dat verhaal, dat is reusachtig plezant! Dansen is bewegen in zes dimensies; hoog en diep, links en rechts, achter en voor. Je moet ook zesdimensionaal leven. Je moet hoog leven, je moet je wegdrukken van de grond. Je moet in alle richtingen durven bewegen, breed en wijd. Je moet diep durven gaan.

Alle kleuren van vermoeidheid
Dansen doe je niet met een beetje energie, daar is véél energie voor nodig. Daar moet je 150% voor gaan. Daarom was ik vroeger vaak steendoodmoe . En als ik me de laatste jaren al eens moe voelde, dacht ik: Brabants, ge zijt aan het oud worden! Ik dacht dat ik alle kleuren van vermoeidheid kende, maar kanker heeft me er nog meer leren kennen. Ik wist niet dat ik zo moe kon zijn, zo uitgeput. Nu voel ik dat niet meer elke dag maar toch moet ik er rekening mee houden.

Sommige dingen kan ik niet helpen; ik ben sneller moe, kom vaker adem te kort. Een gevolg van de radiotherapie en van mijn artrose. Dat maakt leven nu anders. Kanker heeft ook mijn lichaam veranderd, me zwaarder gemaakt. Dat vind ik verschrikkelijk. Toch eet ik nu niet meer dan vroeger. Ik ben mijn slanke lichaam kwijt. En ik ben een borst kwijt, dat is een verminking. Dat vind ik zo spijtig! Maar dansers hebben geen compassie nodig. Ik hoef nu ook geen medelijden van andere mensen. Ik roep niet om hulp. Do it yourself, is mijn motto.

Dansen is een passie. Een kind dat voortdurend loopt te springen en te dansen, heeft die hunker, dat willen bewegen. Zo n kind hou je niet tegen. Dat lukte mijn ouders ook niet. Als je aandacht hebt voor ritme en muziek, voor horen en zien, voor bewegen, dan nodigen die je uit tot de dans. Dan wil je fanatiek dat ene doel bereiken: dansen! Je kunt niet anders. Dan ben je zo gedreven dat je je leven aanpast om dat doel te bereiken: je legt jezelf zware trainingen op, je eet weinig, je rookt niet, je slaapt voldoende. Je legt je vanzelf al die discipline op. Il faut être une dure pour être danseuse! Je hebt die gedrevenheid nodig om dat leven aan te kunnen. Dansers zijn nooit flauwe mensen. Ze moeten gezond zijn, sterk, hard en tegen een stootje kunnen. Ze geven geen krimp, zij kijken niet om. Ze gaan door eindeloze vermoeienissen om hun doel te bereiken. Om hun dans te brengen.

Nog zoveel te doen!
Zoveel vrouwen, dacht ik, wanneer ik in de wachtzaal zat te wachten voor een consultatie of voor de radiotherapie. En nog zoveel jonger dan ik. Laat jullie niet doen, dacht ik dan. Vecht terug. Oefen. Je gaat beloond worden. Neem je leven weer op. Er is zoveel. Verlies de moed niet. Al is het niet gemakkelijk. Gelukkig vangen de dokters en verpleegkundigen in het ziekenhuis je heel goed op.

Borstkanker is een ziekte met een geweldig lange nasleep. Die trek ik elke dag met me mee. Je moet dagelijks medicijnen nemen en regelmatig op controle. Dan ben ik ongerust, bang voor uitzaaiingen. Maar ik verlies de moed niet. Ik ga door. In januari werd ik vijfentachtig, ik teken weer voor vijf jaar bij. Voor vijf goede jaren. Al vind ik het soms erg moeilijk, ouder worden. Ik moet altijd maar afgeven. Mijn lichaam is zijn veerkracht kwijt. Maar het voordeel aan oud worden, is dat je een grote ervaring hebt. En die wil ik doorgeven.

Ik heb nog zoveel te doen. Mijn boek schrijven, mijn memoires. Ik heb notities bijgehouden, vroeger. Van mijn tijd in het verzet, tijdens de oorlog. Die notities werk ik nu uit op mijn computer. Ik ben begonnen in het jaar 1920, bij mijn geboorte en zit nu in het jaar 1942. Ik heb nog zoveel te vertellen, nog zoveel te schrijven. Ik kan nu niet opgeven, stoppen. Elke avond zeg ik dank: ik heb een goede dag gehad. Ook al is die niet altijd even goed. Maar ik moet die dag maken met de middelen die ik krijg. Ik ga niet zitten treuren. Komaan zeg!

Naar het verhalenoverzicht