Martine Tanghe
Meer lezen
Op 5 maart presenteert Martine Tanghe voor de zesde maal de voorjaarsshow van Kom op tegen Kanker. Waarom blijft de ankervrouw van het TV1-journaal zich inzetten voor Kom op? "Het is mijn kleine bijdrage aan een campagne die ik heel waardevol vind."
Tekst: Frederika Hostens, uit Kom op! - actiekrant van Kom op tegen Kanker - nr. 17, januari 2005
Wanneer en hoe bent u in contact gekomen met Kom op tegen Kanker?
Martine Tanghe: "Campagneleider Leo Leys vroeg me in 1995 of ik wou meewerken aan de startshow. Zonder lang te moeten nadenken heb ik ja geantwoord. Ik wou mijn naam wel verbinden aan Kom op. Ik ben daar nochtans heel zuinig op. Ik word voor allerlei dingen gevraagd en kan me niet voor alles inzetten. Maar dat wou ik zeker doen."
Waarom?
"Omdat ik het een heel zinvolle en waardevolle actie vind en blijf vinden. Weet je wat ik zo mooi vind? Dat de campagne nooit echt stilvalt. De mensen die erbij betrokken zijn, blijven actief, ook in een jaar zonder mediacampagnes. Hun engagement staat dan misschien op een waakvlammetje, maar dat vlammetje blijft wel branden. Dat is de grote kracht van Kom op."
Wordt u er nooit moedeloos van? Er zijn almaar meer mensen met kanker, almaar jonger ook.
"Moedeloos niet. Het is gewoon de realiteit. Er is al heel veel mogelijk maar de ziekte is zeker nog niet uitgeroeid en zal waarschijnlijk ook nooit uitgeroeid worden. Als ik dokters en patiënten hoor getuigen, overheerst bij mij altijd het gevoel dat we onze kop niet in het zand mogen steken. Laten we de confrontatie aangaan. Want als je er heel snel bij bent, is er veel mogelijk."
Bent u in uw persoonlijk leven al geconfronteerd met kanker?
"Toen ik 16 jaar was, kreeg mijn moeder borstkanker. Mijn wereld stortte in, ik dacht dat ik mijn moeder ging verliezen. Ik heb haar ondertussen wel verloren, maar niet toen en niet door die kanker. Het was het verschrikkelijkste nieuws dat ik ooit in mijn leven heb gehoord. Vooral omdat mijn moeder nog zo jong was: 40 jaar. Het was een afschuwelijk vroege confrontatie met kanker."
Wat is uw mooiste herinnering aan Kom op?
"Het portret van Cédric Hèle in de openingsshow van 1995 zal ik nooit vergeten. Ik zie die jongen uit Poperinge nog altijd voor mij. Cédric was toen 17 jaar en leed al drie jaar aan botkanker. De ploeg had een bijzonder mooi portret van hem gemaakt. Intens en aangrijpend, zonder erover te gaan. Het is nochtans een moeilijk genre: je moet er als televisiemaker over waken dat de mensen hun tenen niet krullen van gêne. En dat gebeurde bij dat portret niet. Het was op de juiste toon. Cédric was ziek en ging sterven maar hij was degene die de mensen rond hem moed insprak."
Heeft Kom op tegen Kanker uw kijk op het leven beïnvloed?
"Ik hou er rekening mee dat het mij ook kan overkomen, maar ik laat me daar niet door verlammen. Als het ooit zo ver komt, zal ik de ziekte onder ogen zien en wil ik ertegen vechten. Je hoeft er niet aan dood te gaan. Er is hoop mogelijk en die hoop moet je zoeken."



