Vrijwilligers voor kankerpatiënten. Individuele steun en opvang in het ziekenhuis
Met een VLK-vrijwilliger babbelen?
De VLK-vrijwilligers hebben een goeie opleiding gekregen. Het is niet hun taak de bestaande hulpverlening van verpleegkundig personeel, psychologen, sociaal werkers enz. over te nemen, maar ze aan te vullen. De vrijwilligers informeren de patiënten over de diensten van de VLK, ze zijn een luisterend oor en ze kunnen problemen van patiënten signaleren aan de zorgverleners in het ziekenhuis.
De ziekenhuisvrijwilligers van de VLK verzekeren een of meerdere halve dagen permanentie op de afdelingen waar kankerpatiënten gehospitaliseerd of in behandeling zijn (dagkliniek, radiotherapie, hospitalisatie).
Schrijf ons!
Stuur uw reactie op artikels uit het tijdschrift Leven naar de brievenbus@tegenkanker.be, de lezersrubriek van het tijdschrift. We nemen uw brief mogelijk op in het volgende nummer.
Heeft u nood aan een gezellige babbel? Wil u uw verhaal eens doen bij iemand anders dan uw partner, familie of het verplegend personeel? De Vlaamse Liga tegen Kanker heeft voor de individuele steun en opvang van kankerpatiënten, hun familie en vrienden een grote groep van goed opgeleide vrijwilligers. Die vrijwilligers gaan onder andere in het ziekenhuis bij patiënten op bezoek. Zij verzekeren daar de permanentie op de afdelingen waar kankerpatiënten behandeld worden. Vier patiënten vertellen wat ze aan het contact met hun vrijwilliger hadden, en één vrijwilliger doet haar verhaal.Tekst: Carla Rosseels, uit Leven 30, april 2006
- Jacqueline Grade: 'Vrijwilligsters steunden ook mijn man'
- Maria Bal: 'Zonder Leen was ik nooit mee op vakantie gegaan'
- Mario Titeca: 'Open, informele babbel doet deugd'
- Rita Camp: 'Zij begrijpen onze pijn'
- Leen Ide: 'Als vrijwilliger dringen wij soms makkelijker tot patiënten door'
Jacqueline Grade: 'Vrijwilligsters steunden ook mijn man'
'In het Medisch Centrum in Aarschot waar ik chemotherapie kreeg, hebben mijn man en ik de vrijwilligsters Tania en Mia leren kennen. Zij hebben ons verteld wat de behandeling inhield van nevenwerkingen en zo. Omdat wij totaal onwetend waren, hebben wij hen meteen ervaren als "engelen" op onze weg. Elke maand bracht ik een halve dag in het Medisch Centrum door en Mia kwam dan telkens op bezoek. Ook tussendoor belde ze of ze kwam aan huis zodra ze hoorde dat het wat minder goed met me ging. Ook mijn man had het er erg moeilijk mee dat ik ziek was. Zij merkten dat en kwamen soms speciaal langs om hem te ondersteunen. Zonder hun hulp zou het allemaal veel moeilijker te verwerken zijn geweest. Behalve steun gaven ze ons ook goeie tips. Zo hebben we het inloophuis in Leuven leren kennen, waar we ondertussen al drie keer op bezoek zijn geweest en waar je bij een kop koffie terecht kan met al je vragen. Ook met Tania en Mia houden we nog contact. Ik ben vol bewondering dat zij zich zo voor ons inzetten.'
Maria Bal: 'Zonder Leen was ik nooit mee op vakantie gegaan'
'Met Leen, die als vrijwilligster in het Middelheimziekenhuis werkt, had ik meteen een fantastisch contact. Ik kon bij haar mijn verhaal kwijt, niet alleen over mijn ziekte, maar ook over mijn dochter die in Spanje woont en mijn zoon die overleden is. Dat voelde geweldig. Trouwens, de vrijwilligers luisteren niet alleen, ze stellen ook vragen of ze vertellen ook wel eens over zichzelf. Die openheid, dat apprecieer ik enorm.'
'Op een dag had Leen een folder meegebracht over een vakantieweek in Ter Duinen in Nieuwpoort. Ze vertelde er wat over en zei dat het de moeite waard was. Maar ik was niet meteen enthousiast. Wat moet ik een hele week met al die zieke mensen, dacht ik? Maar Leen kwam er geregeld op terug, zonder echt aan te dringen, en uiteindelijk ben ik dan toch meegegaan. Het werd een onvergetelijke week. Ik heb ongelofelijk genoten en gelachen. Het voelde alsof we allemaal samen één familie vormden en de vrijwilligers legden ons vreselijk in de watten. Ze zorgden voor ons natje en ons droogje en losten onze kleine probleempjes op voor we ze zelf in de gaten hadden. Het was zalig om zo verwend te worden. Zonder Leen zou ik nooit mee zijn gegaan, terwijl het nu zo"n fantastische herinnering is.'
Mario Titeca: 'Open, informele babbel doet deugd'
'Toen ik zes maanden geleden voor de eerste keer in het ziekenhuis lag, kwam er een dame bij me langs die zich voorstelde als vrijwilligster. We maakten een praatje en het klikte meteen. Ik kan me voorstellen dat niet elke patiënt nood heeft aan "vreemd bezoek" aan bed, maar ik kon het wel appreciëren. Vooral omdat je in die eerste dagen en weken eigenlijk van niks weet. Dan is het goed om met iemand te kunnen praten die meer ervaring heeft met het reilen en zeilen in een ziekenhuis.'
'Soms praten we over mijn ziekte, maar even vaak gaat het over praktische zaken. Wat ik moet doen met paperassen van het ziekenfonds bijvoorbeeld of over nevenwerkingen van de behandeling. Ik krijg nu voor de vierde keer chemotherapie en dat maakt me doodmoe. De vrijwilligster vertelt dan dat er nog aardig wat patiënten zijn die zich zo voelen, maar dat dat gelukkig normaal ook weer over gaat. Op die manier kom je soms extra informatie te weten van de vrijwilligers.'
'Ik merk wel dat niet elke patiënt zich even makkelijk open stelt. Voor sommigen is het woord "kanker" nog steeds een beetje taboe, zeker in het begin. Daarom help ik sommige nieuwelingen een beetje over de drempel heen. Zo heb ik onlangs een twintigjarige patiënt gestimuleerd om de vrijwilligster even langs te laten komen. Jonge mensen denken soms dat ze niemand nodig hebben, maar ik heb ondertussen zelf ervaren hoeveel deugd zo"n open, informele babbel doet.'
Rita Camp: 'Zij begrijpen onze pijn'
'Toen ik op de afdeling oncologie terechtkwam, had ik heel veel vragen', zegt Rita Camp. 'Van dokters en verplegers krijg je stukjes informatie aangereikt waarmee je de puzzel min of meer kan samenstellen. Toch is het met Lutgard, Gerry en Lut, de VLK-vrijwilligers die in Genk actief zijn, dat ik echt diepe gesprekken heb kunnen voeren. Van in het begin heb ik hen als heel vriendelijk en bescheiden ervaren. Hun houding was altijd heel voorzichtig en oprecht. Eigenlijk bieden zij ook een soort medicijn: een luisterend oor en een warm hart en daar heb je als patiënt in moeilijke momenten net heel veel behoefte aan.'
'Vrijwilligster Lut heeft mij bovendien de moed gegeven om de strijd tegen mijn ziekte aan te gaan. Toen ik in 2002 in het ziekenhuis terecht kwam, hadden de dokters mij eigenlijk al opgegeven. Lut heeft ook gezondheidsproblemen en toch laat zij zich niet gaan en zet zij zich voor anderen in. Toen zij met mij kwam praten, voelde ik mij door haar onmiddellijk begrepen. Andere mensen reageren soms op een idiote of grove manier op het feit dat ik kanker heb en de dood in de ogen kijk. De vrijwilligers niet, zij begrijpen onze pijn.'
Leen Ide: 'Als vrijwilliger dringen wij soms makkelijker tot patiënten door'
Leen Ide vervoerde al een paar jaar kankerpatiënten van en naar het ziekenhuis en ze deed huisbezoeken voor de VLK, toen ze overstapte naar vrijwilligerswerk in het ziekenhuis. Vandaag is ze elke donderdag op post in het Middelheimziekenhuis in Antwerpen.
'Toen de Vlaamse Liga met het idee van ziekenhuisvrijwilligers op de proppen kwam, ben ik er meteen in mee gestapt', vertelt Leen. 'Toch was het minder evident dan ik dacht. Niet alleen de sfeer is anders in een ziekenhuis, je bent er ook voortdurend omringd door verpleegkundigen en dokters en in het begin wist ik niet goed of zij ons makkelijk zouden aanvaarden. Gelukkig was er in het ziekenhuis een supportteam met psychologen en verpleegkundigen dat ons schitterend heeft opgevangen.'
Van frustratie naar voldoening
Leen was vroeger zelf verpleegkundige maar om gezondheidsredenen stopte ze met werken. 'Toen ik nog aan de slag was, was ik vaak gefrustreerd dat ik onvoldoende tijd had om met patiënten te praten. Daarom voel ik me nu zo goed. Nu kan ik, zonder werkdruk, tijd vrijmaken om mensen te ondersteunen.'
Wanneer Leen op donderdag in het ziekenhuis toekomt, wordt ze eerst gebrieft door het supportteam, door de hoofdverpleegkundige van de oncologische afdeling of door verpleegkundigen van het dagziekenhuis. Zij geven aan bij welke nieuwe patiënten ze langs mag gaan. 'Op nieuwe mensen toestappen, dat blijft altijd spannend', zegt Leen. 'Ik stel mij voor als vrijwilligster en ik vraag of ze interesse hebben in wat de Vlaamse Liga te bieden heeft. Ik heb altijd folders en een exemplaar van Leven bij me en desgewenst vertel ik over activiteiten en vormingssessies die in het ziekenhuis of daarbuiten plaatsvinden. Sommige mensen beginnen meteen heel spontaan zelf hun verhaal te vertellen. Vooral bij mensen die er alleen voor staan, komt er bij zo"n eerste gesprek vaak heel wat los. Andere mensen hebben wel kinderen, een partner en familie, maar kunnen bij hen niet alles kwijt. Soms omdat ze hun familie willen sparen, soms omdat er een kink in de kabel zit. Dan is het makkelijker om tegen ons te praten omdat wij verder van hen afstaan en we ons samen in een neutrale omgeving bevinden.
Doorgeefluik
'Meestal ben ik vooral een luisterend oor, wat voor patiënten erg waardevol is. Het geeft ontzettend veel voldoening als je merkt dat mensen blij zijn dat ze een babbel hebben kunnen doen. Zelfs als dat over heel gewone, dagelijkse dingen ging.'
'Tegelijkertijd zijn wij ook een doorgeefluik voor allerlei informatie. In het ziekenhuis liggen er foldertjes en hangen er affiches, maar patiënten zijn vaak zo in beslag genomen door hun gezondheidsproblemen dat ze die niet opmerken. Zo signaleren we het bestaan van zelfhulpgroepen, lotgenotencontact, vakantieweken of het sociaal fonds voor wie financiële problemen heeft. Iemand die hen in een persoonlijk gesprek daarop attent maakt, dringt vaak beter tot hen door.'



